De Boulder Duathlon

Het was een mooie zaterdag om te sporten, en dus had ik een leuk plannetje gesmeed. Ongeveer 90
kilometer fietsen naar een parkeerplaats hoog in de Rockies, vanaf daar Long’s
Peak opklauteren en afrennen en dan op de fiets het rondje afmaken met nog zo’n
70 kilometer fietsen. Pas later kwam ik erachter dat een iets kortere variant
hiervan de illustere naam “Boulder Duathlon” draagt.

Het begon eigenlijk de vrijdag ervoor, toen ik een renfiets ging huren. Met veel zweet
kreeg ik uiteindelijk de allerlaatste en iets te kleine renfiets van Boulder te
pakken. Daarna nog een gezellig diner bij collega’s met gelukkig veel pasta, en
om een uur of half elf lag ik in bed. Om kwart voor vier ging de wekker.
Aankleden met alleen maar X-Bionic spullen: fietsbroek, mouwloos shirt en
daarover shirt met korte mouwen. Snel een banaan en een reep naar binnen, de
Deuter Pace 30 op de rug, met daarin ook nog een Deuter regenjas. Beter
voorbereid is onmogelijk!

Buiten snel de fiets gepakt en precies om 04:00 met een nieuw lampje op het voorhoofd op weg
naar Nederland. Het stadje Nederland in Colorado wel te verstaan – een klim van
17 mijl waarin 1000 hoogtemeters moesten worden overwonnen. Het was rustig op
de weg, uiteraard. Toch was het oppassen geblazen met de zeer smalle
fietsstrook. In een rustig ritme reed ik omhoog, een beetje slaperig nog.
Wachten op het licht!

Precies twee uur later nam ik een kleine pauze in de schemering bij de rotonde in Nederland.
Etappe 1 afgerond! Ik had precies de juiste kleren gekozen, want het was
comfortabel geweest. Het miezerde een beetje, dus de regenjas ging erbij aan
toen ik verder klom over de Peak to Peak Scenic byway. En scenic was hij zeker
– maar ook behoorlijk heftig. Het stuk naar Ward was de zwaarste dobber van de
hele route, omdat het in mijn hoofd een stuk korter had geleken dan het
daadwerkelijk was.

Desondanks kwam Ward voorbij. Het stuk daarna had ik al eerder eens gefietst, dus met de
vreugde van herkenning schoot het lekker op. Lange stukken bergaf waar de benen
konden rusten, werden afgewisseld met helaas even lange stukken bergop. Mijn
favoriete road-side winkeltje, waar ik van plan was iets te shoppen, was helaas
nog dicht toen ik er rond half acht langs kwam. Een kink in de kabel, maar
vooralsnog had ik nog genoeg eten en drinken over dus geen zorgen.

Het was twintig over acht toen ik eindelijk de laatste mijl omhoog gefietst had en mijn vehikel
parkeerde bij het hutje van de Park Service. De boswachter zag er wel de gein
van in dat ik op de fiets was gekomen – of beter gezegd de stupiditeit. De
laatste mijl was de steilste geweest, en mijn benen waren licht stijfjes. De
voeten hadden het iets minder fijn. De gloednieuwe trailrunners waren toch niet
zo stijf als fietsschoentjes, dus de tenen tintelenden tegen de trail toen ik
begon met lopen.

Het plan was geweest om te rennen zolang het pad dat toeliet, maar het eerste halfuur was ik
vooral veel aan het eten en drinken en mijn voeten aan het laten herstellen.
Daarna ging het tempo iets omhoog en werden er af en toe stukjes hardgelopen –
maar toch minder dan ik me van tevoren had voorgesteld. Desondanks schoot het
goed op, en de hordes mensen die ook naar boven wilden maar met de auto waren
aangekomen, werden langzaam ingehaald.

De top van mijn doel, Long’s Peak, kwam in zicht – weliswaar nog een flinke 700 hoogtemeters
hoger, maar toch. De Diamond, de noordoostwand van Long’s is een grote
klassieke wand hier in Amerika, maar ik zou er helemaal achterlangs klauteren
over de makkelijkste route op de berg. Om achterlangs te komen, moest ik door
het Keyhole, een gat in de graat waar het flink waaide. Met dit soort
inspanningen zou ik morgen hoe dan ook een hoestje hebben, maar om dat zo klein
mogelijk te houden deed ik mijn Buff om nek en mond – en zag er dus uit als een
X-Bionic piraat! Over de brede richels en brokkelige geulen aan de achterkant
van Long’s ging het verder omhoog, het leek wel een eeuwigheid.

Drie lieve dames waren al op de terugweg, zo veel en hard kletsend dat ik er iets van zei. We
kwamen aan de praat en van hun hoorde ik voor het eerst weer eens hoe laat het
was: elf uur. Dat zorgde voor goede moed en met een iets grotere inspanning
kwam ik rond twintig over elf op de top. Nou ja, top, het ding is ongeveer 1
voetbalveld groot. Zeker dertig mensen zaten er te relaxen van de klim. Niet
bepaald de typische Alpentop….


Ik was er al snel weer weg na de obligate topfoto en probeerde wat extra vaart te maken om het
allemaal niet te lang te laten duren. Over de brokkelige gedeeltes leek het
toch niet veel sneller te gaan dan op de heenweg, maar lager kwam het pad weer,
en kon ik eindelijk beginnen met hardlopen. Ik was niet helemaal soepel meer,
dus de passen waren wat kleiner dan normaal, maar toch. Bijna weer terug bij de
fiets kwam pas de onvermijdelijke val die bij de hoogmoed hoorde. Languit over
het pad, vlak nadat ik een vrolijk gezinnetje had ingehaald. Ik werd al snel
omhoog getrokken en vermanend toegesproken. En gelijk hebben ze natuurlijk,
hardlopen over een rotsig bergpad is niet slim. Na even zitten haalde ik ze
toch weer in en toen ze me niet meer zagen, rende ik ook het laatste stuk
omlaag.

Bij de fiets kwam ik erachter dat ik hem was vergeten af te sluiten. Gelukkig hadden de
boswachters een oogje in het zeil gehouden. In ruil daarvoor wilden ze een
praatje, en dat was prima natuurlijk want ik moest wel even pauze hebben. Ik
bleek in twee uur omlaag gelopen te zijn. Mijn water werd vriendelijk
bijgevuld, en de laatste repen gingen een voor een achter de kiezen. Vijf
minuten later stapte ik op, bedankte vriendelijk en ging weer op weg. Het was
warm geworden, erg warm, dus alleen het mouwloze shirt en de fietsbroek waren
nog aan. En zonnebrandolie, veel van dat spul. Het was overigens al te laat,
want op Long’s Peak was ik goed verbrand.
De eerste kilometers gingen makkelijker, want omlaag, naar Estes Park. Ik voelde me goed,
had meer dan de helft van de tocht achter me, en zag het helemaal zitten. Bij
een tankstation tankte ik even wat cola en kocht een paar bevroren sandwiches
(geen aanrader, neem de gekoelde variant) en een Snickers Icecream. Ik zeg U,
beste mensen, een Snickers Icecream. Dat is dus wel een aanrader! Heerlijk in
de schaduw tegen de winkel, in de gasdampen, heb ik het ding verorberd.

Het volgende deel was ook bekend, en wel als een erg lastig stuk. Eerst gemeen omhoog naar een
pas, en daarna een lange glooiende en soms steile afdaling naar Lyons. Glooiend
is niet fijn omdat je dan hard moet bijtrappen, vooral als het wind tegen is –
wat het was. Steil is niet fijn omdat het dan gevaarlijk is met de auto’s naast
je. Zo is er altijd iets te zeuren. Toch ging dat heerlijk. Op de een of andere
manier (en ik verdenk de cola en de Snickers Icecream) had ik nog wat kracht in
de pootjes, dus er kon goed worden bijgetrapt op de vlakkere gedeeltes. Af en
toe werd ik geholpen door een auto in de steilere gedeeltes, die me de ruimte
gaf om op de weg in plaats van de fietsstrook te crossen. De vijftig mijl per
uur werden misschien net niet gehaald, maar onfatsoenlijk hard ging het wel.

De laatste pauze werd genoten in Lyons. Ik voelde me goed, was inmiddels ongeveer twaalf uur
bezig en probeerde een bevroren kalkoensandwich weg te krijgen. De cola ging
makkelijker… Daarna weer snel door, voor de laatste 12 mijl terug naar de
fietsverhuur, over opnieuw een glooiende weg in de brandende zon. En dat ging
gewoon heerlijk! Op het eind nog een beetje afgesprint met een paar
mede-fietsers (niet gewonnen helaas), en toen heerlijk uitrollen naar de
verhuur. Fiets inleveren, klokje kijken: 12:40 uur voor de hele ronde. Daarna
mijn eigen fiets ontsluiten en rustig naar huis peddelen. Het bubbelbad wacht!

Team X-Bionic

Welkom op de website van het X-Bionic Adventure Race Team. Vier mannen en één vrouw die van avontuur en fysieke uitdagingen houden. Op deze weblog plaatsen we verslagen van onze wedstrijden, voorbereidingen, ervaringen met materialen en alle andere zaken die ons bezighouden. Geniet van de verhalen en schroom niet om een reactie te plaatsen of je vragen aan ons te stellen.

1 Comment on De Boulder Duathlon

  1. Extreem kereltje ben je ook, mooi verhaal, foto en avontuur, hoop jullie binnenkort nog eens tegen te komen bij één of andere AR (mogelijk Bronkhorst?)

Leave a Reply

Your email address will not be published.


*